Groen coulisselandschap met akkers, bomen en een stenen spoorviaduct

Een tijdreis door het mozaïek van Oost-Gelderland

Nationaal Landschap Winterswijk is een van die plekken waar het landschap niet op één verhaal is gebouwd, maar uit vele lagen bestaat. In een gebied van ongeveer 22.000 hectare wisselen stille landwegen, beekdalen, akkers, bossen, houtwallen en karakteristieke boerderijen elkaar af. De ruimte voelt landelijk en rustig, terwijl achter vrijwel iedere bocht een nieuw detail verschijnt. Wie eropuit trekt met tijd en aandacht, ontdekt geen decor, maar een levend landschap dat voortdurend in beweging is.

De geologische geschiedenis gaat hier honderden miljoenen jaren terug. In de omgeving van de steengroeve ligt kalksteen uit het Trias opvallend dicht onder het aardoppervlak, terwijl het omliggende landschap op veel plaatsen juist wordt bedekt door veel jonger dekzand. Daaroverheen ligt het werk van generaties boeren: monumentale scholtenhoeven, rechte lanen, eeuwenoude akkers en houtwallen die percelen begrenzen. Juist die ontmoeting tussen oeroude aarde en eeuwenoud vakmanschap maakt dwalen door Winterswijk vergelijkbaar met een bezoek aan een openluchtmuseum, alleen is het museum hier uitgestrekt, groen en volop bewoond door planten en dieren.

Voor wie de streek verder wil verkennen, vormt Nationaal Landschap Winterswijk een rijk vertrekpunt voor wandelingen, fietstochten en excursies. De kracht van het gebied zit in de samenhang: geologie, natuur en cultuurhistorie zijn niet los van elkaar te bekijken, maar vertellen samen het verhaal van de Achterhoek.

De Steengroeve en het Trias aan het aardoppervlak

Een van de meest bijzondere plekken van Winterswijk is de steengroeve, waar kalksteen uit het Trias bijna aan de oppervlakte komt. Deze afzettingen zijn circa 240 miljoen jaar oud, een periode waarin de aarde er volkomen anders uitzag dan nu. De huidige Achterhoek maakte deel uit van een wereld waarin zeeën, kustgebieden en droge landschappen elkaar afwisselden. In de kalksteen zijn de sporen van die vroegere omstandigheden bewaard gebleven. Een bezoek aan de groeve maakt geologische tijd niet alleen voorstelbaar, maar bijna tastbaar.

Luchtfoto van een grote kalksteengroeve met terrassen en steenblokken
In Winterswijk ligt een uitzonderlijk oud stukje aardgeschiedenis dicht onder het huidige landschap. Een excursie laat zien hoe geologische lagen, fossielen en het omliggende natuurgebied met elkaar verbonden zijn.

De fossielen geven een verrassend beeld van het leven uit die tijd. In de kalksteen zijn resten gevonden van prehistorische sauriërs en afdrukken van zeesterren. Zulke vondsten herinneren eraan dat het huidige boerenland ooit verbonden was met een veel ouder marien landschap. De groeve is doorgaans niet vrij toegankelijk, waardoor een excursie met een deskundige gids de beste manier is om de lagen, fossielen en ontstaansgeschiedenis veilig en zorgvuldig te bekijken. Ook de natuur rondom de groeve heeft bijzondere kanten. Op en nabij de rotsachtige wanden kunnen vogels broeden, waaronder in bepaalde jaren de imposante oehoe.

De ouderdom van de ondergrond staat in sterk contrast met het oppervlak eromheen. Veel delen van het huidige landschap zijn gevormd tijdens en na de ijstijden, toen wind fijn zand verplaatste en als dekzand over het oudere reliëf legde. Dat dekzand is geologisch gezien jong, maar bepaalt nog altijd de bodem, de landbouwmogelijkheden en de vegetatie op veel plaatsen. De groeve fungeert daardoor als een venster: waar elders de geschiedenis diep verborgen ligt, komt in Winterswijk een veel oudere aardlaag onverwacht dichtbij.

  • Het Trias verwijst naar een geologisch tijdvak van ongeveer 252 tot 201 miljoen jaar geleden.
  • De Winterswijkse kalksteen bevat fossielen die informatie geven over vroegere zeeën en ecosystemen.
  • Het omliggende dekzandlandschap is veel jonger en werd vooral tijdens de ijstijden gevormd.
  • Een begeleide excursie is aangewezen, omdat de groeve kwetsbaar en niet overal toegankelijk is.

Houtwallen als levende aders van het coulisselandschap

De houtwal is meer dan een rij bomen langs een veld. Vaak staat deze begroeiing op een kunstmatig aangelegde aarden wal, soms met een sloot aan één of beide kanten. In het historische boerenland diende zo”n wal als perceelsgrens, eigendomsmarkering en veekering. Koeien, schapen en ander vee bleven binnen het juiste perceel, terwijl wild minder gemakkelijk op akkers kon komen. De beplanting leverde bovendien brandhout, staken, palen en ander materiaal dat op de boerderij dagelijks nodig was.

Traditioneel werden houtwallen regelmatig afgezet of als hakhout beheerd. Daardoor ontstond een afwisselende structuur met jonge uitlopers, oudere bomen, struiken, open plekken en dicht struikgewas. Tegenwoordig is de praktische noodzaak kleiner, maar de ecologische betekenis groter dan ooit. Een houtwal biedt beschutting tegen wind en zon, vormt een foerageergebied voor vogels en insecten en werkt als verbindingsroute tussen bosjes, beekdalen en andere natuurterreinen. Dassen kunnen de lijnvormige structuren gebruiken om zich beschut door het landschap te verplaatsen, terwijl vlinders, wilde bijen en kevers profiteren van bloeiende struiken, dood hout en beschutte randen.

Traditionele functie Hedendaagse natuurwaarde
Perceelscheiding en markering van eigendom Verbinding tussen kleine natuurgebieden en leefgebieden
Veekering en bescherming tegen wild Beschutting voor vogels, zoogdieren en insecten
Leverancier van brandhout, palen en staken Bron van dood hout, nestgelegenheid en schuilplaatsen
Bescherming tegen wind en erosie Bijdrage aan een stabieler microklimaat en bodemleven
Onderdeel van de landbouwkundige verkaveling Behoud van het herkenbare coulisselandschap

De erfenis van de Scholtenboeren in het landschap

De scholtenboeren hebben een groot stempel gedrukt op het karakter van Winterswijk. Deze invloedrijke boerenfamilies beheerden omvangrijke landgoederen en landbouwbedrijven, maar hun betekenis reikte verder dan de productie van graan, vee en hout. Zij bepaalden mede hoe percelen werden ingericht, waar lanen kwamen te liggen en welke delen als bos, akker of weide werden gebruikt. De imposante scholtenhoeven, vaak omringd door oude bomen en lange toegangswegen, vormen nog altijd herkenbare bakens in het landschap.

Opvallend is de manier waarop de historische verkaveling aansluit op de natuurlijke ondergrond. Beekdalen zoals Bekendelle zijn vochtig en vaak rijk aan plantensoorten, terwijl de hoger gelegen gronden geschikt waren voor akkers. Tussen die gebieden ontstond een fijnmazig patroon van houtwallen, bosranden, weilanden en onverharde wegen. De beek zelf zorgde niet alleen voor water, maar ook voor een ecologische verbinding. Bij Bekendelle kan de wandeling daardoor tegelijk bosrijk, waterrijk en cultuurhistorisch zijn. De nabijgelegen watermolen van Berenschot laat bovendien zien hoe stromend water vroeger onderdeel van het dagelijks economisch leven was.

Het kleinschalige beheer had onbedoeld een grote natuurwaarde. Door verschillende vormen van grondgebruik dicht bij elkaar te laten bestaan, ontstonden veel overgangszones. Juist daar vinden planten en dieren geschikte omstandigheden. In het huidige Nationaal Landschap liggen vier Natura 2000-gebieden: Bekendelle, Willinks Weust, Korenburgerveen en Wooldse Veen. Elk gebied heeft een eigen karakter, van vochtige bossen en beekdalen tot heide en hoogveen, maar samen vertellen ze hoe natuur en historisch landgebruik elkaar in Winterswijk hebben beïnvloed.

  • Bekendelle staat bekend om zijn bos, beek en vochtige groeiplaatsen.
  • Willinks Weust laat zien hoe bijzondere bodem en waterhuishouding zeldzame natuur kunnen ondersteunen.
  • Korenburgerveen en het aangrenzende Vragenderveen bieden een blik op veenontwikkeling en open moerasland.
  • Wooldse Veen benadrukt de grensoverschrijdende samenhang van natuur in de Achterhoek en Duitsland.

Praktische gids voor de wandelaar en ontdekker

Een goede manier om het gebied te leren kennen, is starten in het historische vestingstadje Bredevoort. Vanuit het centrum voeren routes langs oude grachten en vestingresten richting landgoederen, bosranden, beekjes en agrarisch gebied. Een route van ongeveer 20 kilometer biedt een volle wandeldag met veel afwisseling en kan worden ingekort tot circa 13 kilometer of uitgebreid tot ongeveer 27 kilometer. Wie een langer avontuur zoekt, kan delen van het Scholtenpad volgen, een meerdaagse wandelroute van ongeveer 98 kilometer door het Winterswijkse landschap.

Plan onderweg voldoende tijd voor kleine omwegen. Een uitkijkpunt bij het Vragenderveen, een kijkhut bij de Grote Goor of een pauze bij een historische watermolen geeft een wandeling meer diepte. Houd er rekening mee dat sommige paden na regen nat kunnen zijn. Waterdichte schoenen zijn dan geen overbodige luxe. Ook fietsers vinden volop mogelijkheden, met routes die natuurgebieden, wijngaarden, boerderijen en delen van het Duitse grensgebied met elkaar verbinden.

  1. Kies een landschappelijk thema. Ga bijvoorbeeld op zoek naar beekdalen, houtwallen, scholtenhoeven of sporen van de steengroeve.
  2. Begin vroeg of juist aan het einde van de middag. Dan is de kans op rust, reeën en actieve vogels groter.
  3. Neem tijd voor details. Bekijk de structuur van een houtwal, let op oude lanen en luister naar verschillen tussen bos, akker en beek.
  4. Plan een streekmoment. Bezoek een boerderijwinkel voor kaas, eieren, brood, honing, jam, rundvlees of andere Achterhoekse producten. Aanbod en openingstijden verschillen per locatie, dus controleer die vooraf.
  5. Sluit af onder een donkere hemel. Buiten de dorpskernen biedt Winterswijk weinig lichtvervuiling, waardoor heldere avonden geschikt zijn voor sterren kijken.

De seizoenen geven telkens een ander gezicht aan de streek. In het voorjaar vallen bloeiende bermen, vogelzang en frisgroene houtwallen op. De zomer is geschikt voor lange fietstochten en picknicks bij het water, terwijl de herfst de lanen en bossen in warme tinten zet. In de winter ontstaat juist een helder overzicht over de verkaveling en zijn de silhouetten van houtwallen en boerderijen goed zichtbaar. Voor rustzoekers zijn doordeweekse ochtenden meestal het aantrekkelijkst; voor liefhebbers van sfeer kunnen de late namiddag en de schemering een bijzonder moment opleveren.

Trek de wandelschoenen aan en ontdek het Winterswijkse ritme

Nationaal Landschap Winterswijk laat zien hoe diepgaande geologie, menselijke geschiedenis en actuele natuurwaarden in één landschap kunnen samenkomen. De kalksteen uit het Trias bewaart het verhaal van een wereld van honderden miljoenen jaren geleden. De houtwallen, lanen en akkers vertellen over boeren die hun omgeving zorgvuldig inrichtten en beheerden. De beekdalen, venen en bossen tonen vervolgens hoe deze menselijke keuzes ruimte hebben geboden aan een rijke flora en fauna.

Ga daarom te voet of per fiets op pad met een open blik. Kijk niet alleen naar de bestemming, maar ook naar de overgang tussen akker en bos, de vorm van een oude wal, het geluid van stromend water en de stilte langs een onverharde weg. Blijf op gemarkeerde paden, houd afstand van broedende vogels en kwetsbare veengebieden en laat honden waar nodig aangelijnd. Zo blijft het Winterswijkse ritme beleefbaar voor wandelaars, bewoners en de vele soorten die dit bijzondere landschap hun thuis noemen.

Comments are closed.